Fourage III

Details over het schip Fourage III, BHS nummer 13547


Algemene gegevens
BHS-nummer Scheepsnaam Type schip Gebouwd van Bouwjaar Werf Plaats van de werf
13547 Fourage III Katwijker ijzer in 1923 Boot Leiderdorp
Gebied en vracht
Oorspronkelijk vaargebied Oorspronkelijk soort vracht Huidige ligplaats
Vanaf 1923 tot ver in de jaren 60 tussen Katwijk en IJmuiden en Amsterdam. In de oorlog Rotterdam, Den Haag, Dongen, Oosterhout (NB), maar ook naar Geraardsbergen (B) met hout voor de multiplexfabriek en met cement naar Arnhem en Maastricht. Boeltjes (haring tonnetjes)in het seizoen en daarbuiten allerlei stuk en bulkgoed. stHout op België en vanaf eind jaren 60 tot 2006 proviand en alles wat je maar bedenken kunt om zeeschepen in en rond Rotterdam te bevooraden. West Noord-Brabant
Korte geschiedenis van dit schip
In december 1922 gaf Jan van der Plas uit Katwijk de opdracht dit schip te bouwen voor zijn zoon Piet van Jan van Leene. Piet heeft voornamelijk met zijn zoon Klaas op dit schip gevaren dat toen onder de naam ‘Drie Gebroeders’ voer.
Op 14 mei 1940 lag het schip in de Wijnhaven van Rotterdam toen de stad werd gebombardeerd. De ‘Drie Gebroeders’, schipper Piet en zoon Klaas overleefden het drama. Het beschadigde schip werd verlaten. Piet en zoon Klaas zijn te voet naar Katwijk gelopen. Weken later werd het schip opgeknapt. Van het overgebleven hout van de verbrande mast werd een stuurhut getimmerd.
Het schip werd door de bezetter in beslag genomen en werd gebruikt om paardentuig voor het Duitse leger te vervoeren maar ook het puin van de stad Den Haag werd verscheept naar Dongen ter verharding van vliegveld Gilze-Rijen. Op 17 september 1944, de dag van de luchtlandingen bij Arnhem, lag de ‘Drie Gebroeders’ met zo'n 23 andere schepen in de haven van Oosterhout toen zij werden beschoten door Engelse jagers. Piet raakte zwaargewond aan zijn hand. Kort hierna is het schip gedeeltelijk tot zinken gebracht door een granaatinslag in het ruim. De reparatie is nog zichtbaar.
In de jaren 60 van de vorige eeuw is het schip verkocht na een emotioneel afscheid.
Het schip heeft tot 2006 in de haven van Rotterdam gefoerageerd.
Sinds 2009 wordt ze opgeknapt als varend woonschip.
De familie van der Plas heeft het schip doen leven door foto's en verhalen.
Illustraties:
Klik hier voor de afbeelding Bouwtekening
Pen tekening
Gemaakt op/in: December 1922
Copyright © Rendy Huka.


Klik op de thumbnail voor een grotere illustratie (opent in een nieuw venster).
Klik hier voor de afbeelding De Drie Gebroeders fourageerd voor zeeschepen.
Onbekend
Men kan niet vertellen waar de foto is genomen. Ik denk zelf Amsterdam.
Gemaakt op/in: Kort na de Tweede Wereldoorlog
Creative Commons Licentie

Klik op de thumbnail voor een grotere illustratie (opent in een nieuw venster).
Maten
Lengte Breedte Diepgang Holte Tonnage Hoogte mast
27 m 66 cm 4 m 85 cm 1 m 30 cm 101,000 ton
Brandmerken:
Gegevens van het kadasternummer (brandmerk) “88 B Leid 1927”
Brandmerk Naam eigenaar (vlgns kadaster) Naam schip (vlgns kadaster) Bijzonderheden
88 B Leid 1927 - - -
Motoren:
Merk Type Serienr. Bouwjaar Nieuw of gereviseerd? Jaar geplaatst Jaar afgedankt
Scania DS 11 1989 Nieuw 1989
Merk Type Serienr. Bouwjaar Nieuw of gereviseerd? Jaar geplaatst Jaar afgedankt
Kromhout 1 Cylinder 1923 Nieuw 1923 1930
Merk Type Serienr. Bouwjaar Nieuw of gereviseerd? Jaar geplaatst Jaar afgedankt
Kromhout 2 cylinder Overig 1930 1946
Merk Type Serienr. Bouwjaar Nieuw of gereviseerd? Jaar geplaatst Jaar afgedankt
Kaelble ? Overig 1946 1989
Verhalen over dit schip:
Het leven van "Katwijker"de "Drie Gebroeders".
Op 20 juli 2009 heb ik de voormalig eigenaar van de Katwijker “Gerda” kunnenspreken per telefoon.
Hij woont aan de ranonkelstraat te Oud Beijerland.
Dhr Piet Weeda is zijn naam. 82 jaar oud en heeft het scheepje eind jaren’90 verkocht aan Dhr Kofstra
Zelf heeft hij de ‘Drie gebroeders”van de heer Piet van der Plas gekocht in 1962 en veranderde toen de naam in “Gerda”.
Er stond toen een duitse motor in. Volgens schipper Paul van de Velden die dit scheepje enkele tientallen jaren kent was het een Kaeble.
Volgens dhr Weeda was hij 120 pk. Eind 1989 is er een nieuwe motor en keerkoppeling in gekomen een scania DS11 van 182 pk in Krimpen aan de Lek.
Piet Weeda heeft er altijd mee gefoerageerd .
Piet vertelde dat de Gerda een vaste ligplaats had bij “de boompjes”,later de europoort en daarna de Dintelhaven.
Nu op dit moment, juli 2009, is de ligplaats de Eemhaven bij de eemhavenstraat.
De laatste reisjes zijn gemaakt in 2003 en twee reisjes in 2006 waarna de Gerda stil kwam te liggen omdat een nieuwe S.I keuring en een te kleine tonnage haar niet meer rendabel maakte.
Volgens de heer P Weeda was het scheepje het zeewaardigst van zijn schepen.
“Ieder zeetje ging zij overheen”zei Piet Weeda.
“Het is een heel zwaar schip”!
Volgens Piet heeft hij als “de drie gebroeders” in de beurtvaart veel op Arnhem gevaren.
Wij hebben zelf veel op Vlissingen gevaren vanuit de europoort.
Ook op Geraardsbergen in België voor meubelen.
De kalfsdekken zijn nog door de heer van der Plas gezet.
Volgens Piet Weeda was de heer van der Plas een fijne man waar je mee in zee kon gaan.
“Een man van zijn woord”,”afspraak was afspraak”volgens hem.
Met tranen in zijn ogen verkocht Piet van der Plas in 1962 zijn geliefde scheepje “De drie gebroeders”. Samen met Piet Weeda zijn ze naar Rotterdam gevaren waar hij emotioneel afscheid nam.
De stuurhut is in de jaren ’70 eraf geveegd door een duwbak die door de storm op drift was geraakt terwijl de “Gerda”aan het lossen was.
Piet Weeda heeft er toen een stalen stuurhut op laten zetten.
Dit was het verhaal van Piet Weeda die vertelde dat hij de zoon van Piet van der Plas twee jaar geleden nog heeft ontmoet.
Piet Weeda heeft nog en een foto op de schouw waar het scheepje in de Leuvenhaven vaart genomen vanaf de leuvenhavenbrug.
Deze foto gaat Piet kopiëren en naar ons opsturen waar we erg blij mee zijn.
Nu ga ik verder achter de historie aan………..

22 juli 2009 zijn we aan het google gegaan en kwamen terecht bij stichting "Katwijkermotor" uit Katwijk.
We hebben telefonisch contact gezocht met Jan Haasnoot, zoon van de familie Haasnoot die eigenaar was van Katwijker "Broedertrouw".Via Jan Hazenoot hebben we het telefoonnummer gekregen van Klaas van der Plas oudste zoon van Piet van der Plas zoon van Jan van der Plas, opdrachtgever tot de bouw van het scheepje “De Drie Gebroeders”.
Volgens zoon Klaas vd Plas (inmiddels 86 jaar)is de bouw als volgt tot stand gekomen.
Opa Jan voer op een dag de Spanjerbrug in Leiden onderdoor ,langs de werf “Boot”.
Vader riep :”Boot…Boot….” We voeren even langzamer an…”Boot”bouw een schuit voor onze Piet groter dan die van onze Janne…
Zo moet het tot stand gekomen zijn en naar zeggen van Klaas voor fl 23.000,00 (gulden).
Vader Piet had nog twee andere broers n.l Jan en Ijsbrand van der Plas.
Vandaar de naam:”Drie Gebroeders”.
In 1939 ging Klaas van school om met Vader Piet mee te gaan varen. Ze hebben de oorlog’s jaren door gehobbeld en hebben toen van alles gevaren.
Toen Rotterdam werd gebombardeerd, verteld Klaas, lagen wij in de Wijnhaven in Rotterdam.
We zijn toen van boord gevlucht en via Kralingen naar Katwijk gelopen.
Tijdens deze vlucht zagen we doden mensen en dieren zoals paarden die waren geëlektrocuteerd doordat de bovenleidingen van de tram naar beneden waren gekomen en nog onder stroom stonden.
Een dag of wat later, dat weet ik niet meer precies, zijn we terug gelopen om te kijken wat er van de “Drie Gebroeders”was overgebleven.
De “Drie Gebroeders”dreef nog in de Wijnhaven terwijl van de omgeving weinig over was.
Wel waren de stuurhut en koekoeks door brand aangetast.
Een timmerman heeft toen het goede hout van de mast gebruikt en verzagen om de stuurhut en dergelijke weer compleet te maken.
Klaas vertelde dat ze ook voor de duitsers hebben gevaren met puin vanuit Den Haag naar het Brabantse Dongen om daar vervolgens te lossen. We moesten wel, zegt hij.
Het puin werd gebruikt ter verharding van het vliegveld in Gilze Rijen.
Volgens Klaas vlogen er op een dag Britse spitfire’s over ons schip. Deze schoten op alles wat men dacht dat het vijandelijk was. Daarbij waren we net bezig met het openleggen van de luiken. Vaders hand werd er toen afgeschoten. We zijn toen naar Breda gelopen voor medische hulp. Op 5 september 1944 het was toen “Dolle dinsdag” lagen we in de getij haven van Oosterhout waar de Duitsers een granaat in het schip gooiden die ervoor zorgde dat de “Drie Gebroeders” gedeeltelijk onder water kwam. De reparatie is nog zichtbaar op het vlak in het ruim. Klaas vertelde dat ze veel samen hebben gevaren met de “Broedertrouw” van de familie Haasnoot.
De “Broedertrouw”heeft veel op Tilburg gevaren.
Nu heeft Klaas nóg veel contact met Jan Haasnoot van “Stichting Katwijkermotor”.
Via Jan Haasnoot ben ik in contact gekomen met Klaas en het Maritiem Museum Rotterdam.
Klaas vertelde verder dat ze ook op Amsterdam-Rotterdam hebben gevaren en ook op Friesland met vlas.
“De orginele 1 cylinder Kromhout heb ik nooit gekent. Dat schip ging zo tekeer dat de nagels begonnen te lekken.
Vader liet daarom een 2 cylinder Kromhout plaatsen.
Die had spat smering maar vader maakte er zelf ringsmering van.
Vlak na de oorlog is er een Käebel diesel van 120 pk ingekomen van de duitse spoorwegen met een reintjes keerkoppeling met vertraging 1 op 3.
Dit was een schitterende machine die nooit stuk was.
We starten hem in Oosterhout en in Wemeldingen maakte we voor het eerst de machinekamer open.
Je hoefde er niets aan te doen alles ging vanzelf.
We hebben ook weleens cement vanaf Maastricht gevaren.
En met multiplex op Geraardsbergen Belgie.
Hij was erg laag.Dat was voor het Oestgeestse kanaal ik geloof een doorvaart van 2,40 mtr.
Hij was eerst 97 ton maar om op de beurs te varen moest hij boven de 100 ton zijn dus heeft vader er kalfsdekken op geplaatst,de stuurhut en ook het achterschild naar achteren verplaatst met nu twee luiken extra.Ook is het voordek toen deels verhoogd, ja, een hele verbouwing en daardoor mat ze nu 101 ton.
We hadden 9 kinderen thuis. Vaders grote liefde was de “ Drie Gebroeders”.
Er voer ook nog de “Jan” van een oom van mij en “Dirkje”van een andere oom…..
Mooi he….ik weet niet of het je interesseert? ………………………(einde telefoongesprek).

Via het Maritiem Museum Rotterdam hebben we de kopieën gehad , zoals:“omschrijving een stalen motorvrachtboot” , koopovereenkomst, lijnentekening en bouwtekening.
Het bouwnummer was: 1154.
Ook alle prijzen van het stuurwerk, lieren,materialen,arbeidsloon,Kromhoutmotor,etc zijn vermeld.
De 35 pk 1 cilinder Kromhout kosten destijds maar liefst fl 3.720,00.
Het arbeidsloon kwam voor de bouw van dit schip op fl 4.578,00.
Leuke wetenswaardigheden.
Ondertussen is het nu 15 oktober 2010.
De "Drie Gebroeders" veranderde van naam in 1962 in "Gerda.Sinds juli 2010 staat de nieuwe naam "Fourage III"op het schip.
De naam is ontleend aan het feit dat het schip de laatste ,ruim 40 jaar heeft gefourageerd.Maar ook is ze vernoemd naar een schip van een vroegere kameraad Nico Koppelaar die een klipper de Fourage III en later een luxemotor de Fourage V heeft gehad waar hij met cement van maastricht naar eindhoven voer.Nico overleed na een korte ziekte.
Het getal 3 achter de naam verwijst naar de oorspronkelijke naam "drie gebroeders".
Het scheepje ligt sinds 8 november 2009 bij scheepswerf "Neptune Marine"te Aalst (gld).
Ze heeft sinds begin december 2009 in de nieuwe loods binnen gelegen.Wél een luxe.Daar hebben we het scheepje aardig gestript.Er stond geen lier meer op het dek.Na speurwerk hebben we twee oude lieren voor de ankers teruggeplaatst.De stalen stuurhut hebben we verwijderd en een klassieke teakhouten stuurhut terug geplaatst.De uitlaat die naast de stuurhut stond hebben we verwijderd en zoals het vroeger was terug gemonteerd zodat de uitlaatgassen weer uit het achterschip komen.
De kluisgaten en pijpen bleken zo slecht dat we deze hebben vernieuwd.Ook de luikenkap was totaal verrot en helaas niet meer te herstellen.Deze hebben we vervangen d.m.v. een vaste kap (dek) met alle elementen van de vroegere luikenkap zoals eindplaatjes, zegelogen etc.We hebben de voormalige achterwoning moeten slopen. Deze was in een zeer slechte conditie en was gedeeltelijk al gesloopt.Deze woning dient nu als tweede machinekamer voor de generator,vuilwatertank,accuset etc,etc.De mastkoker en laad/los installatie ontbrak ook volledig. Aan de hand van oude sporen en de bouwtekening hebben we de mastkoker alvast op zijn oude plek gezet.Het stuurwerk bleek dermate versleten dat het moest worden vervangen. Dit is nu handhydraulisch geworden. Het orginele stuurwerk bestond niet meer op een paar details na. Het schip hebben we van voor naar achter op het vlak kaal gemaakt. Geconserveerd d.m.v. ruimenvet in de volksmond schapenvet en de voormalige achterwoning hebben we in de verf laten spuiten. Zo ook de wanden van het ruim.Het schip hebben we buitenom geheel laten stralen en in de epoxie gezet.
Onder de waterlijn is ze heel licht geslraalt om de klinknagels erin te houden.
De elektra in de stuurhut is naar de huidige normen gebouwd en nu is het schip technisch vaar klaar.In november 2010 gaat ze weer tewater na een periode van bijna een jaar op het droge te zijn geweest.En dan.........varen we naar Tilburg met als vaste ligplaats de Piushaven.En dan......gaan we timmeren.
Bijzonderheden
We hebben een "Katwijker"aangeschaft. Er zit geen zelflos installatie meer op. De mastkoker is terug geplaatst om in de toekomst alles terug te plaatsen.